
Sitges → Garraf
Vier mijl is nauwelijks een warming-up, en dat is precies de bedoeling op dag één. We gooien meestal halverwege de ochtend los, laten de bemanning wennen en drijven westwaarts onder de kliffen van het Garraf-massief, dat vanaf het water tot bijna 600 meter opklimt. Garraf zelf is piepklein: een rij witte huisjes met bloedrode randen, een visserskade en verder weinig. Zo blijft de middag over. De kalksteenpaden achter het dorp belonen een uur wandelen met verre uitzichten terug over de kust. Boven de haven staat de oude Celler Güell, een wijnkelderij van rond 1900 uit de kring rond Gaudí, het korte klimmetje waard. Voor het diner maakt Can Toni een echte suquet de peix, de plaatselijke vissoep gebonden met aardappel. Een makkelijk begin.
Wat te doen
De kalksteenpaden van het Garraf-massief lopen
Klimmen naar de modernistische Celler Güell
Suquet de peix bij Can Toni
Dwalen langs de rood-witte vissershuisjes
Aanlegtip
Het haventje van Garraf legt je met de kont naar de kade voor ongeveer €60–90 per nacht en beschut goed tegen het noorden, al zit het in juli snel vol. Is er geen plek, dan heeft Port Aiguadolç in Sitges, vier mijl oostwaarts, de ruimte en de brandstof.





